De Lie moet zich optrekken aan Van Aert en hem zien als een inspirerend voorbeeld
In dit artikel:
Arnaud De Lie worstelde tijdens een bergrit in de Giro, waarbij de passage over de Borovetspas (ruim 9 km, gemiddeld 5,4% met stukken tot 11%) voor alle sprinters de sleutelmomenten bracht. De Belg moest al vroeg op de tanden bijten en raakte op drie kilometer van de top gelost. Zijn ploeggenoten—onder wie de in extremis opgeroepen Giddings en Rutsch—probeerden hem in het spoor te houden, Campenaerts hielp hem zelfs aan drinken; toch kwam De Lie met ongeveer een minuut achterstand over de top en had hij later aan de finish geen sprint meer in de benen.
De zwakte lijkt samen te hangen met een eerdere maag- en darminfectie; bovendien brak er recent ziekte uit tijdens de Famenne Ardenne Classic (mogelijk door besmetting op de weg), wat meerdere renners trof. Opmerkelijk is dat De Lie die koers wél eindigde als winnaar, wat suggereert dat klachten wisselend kunnen optreden en mogelijk nog nazinderen. Loslaten tijdens een etappe is voor hem niet nieuw, maar de combinatie van fysieke malaise en wisselende vorm maakt zijn prestaties onvoorspelbaar.
Als moreel baken wordt Wout van Aert genoemd: vorig jaar begon hij de Giro ook ziek en tempoverlies leidde tot twijfel, maar hij knokte zich terug en boekte later sterke uitslagen (onder meer een sprintzege met aankomst in Siena). Voor De Lie, die vooraf aangaf maar een deel van de Giro te rijden, is het mentaal een uitdaging om niet te vroeg op te geven. Er liggen nog vlakke ritten voor hem en het talent is evident; de opdracht is herstellen, volhouden en proberen later in de ronde punten te pakken.