Op deze manier rijdt Mathieu van der Poel ook de Giro d'Italia en Vuelta a España
In dit artikel:
De eerste week van de Tour de France bood met vier heuvelklassiekers een vernieuwende opzet die vooral eendagsrenners zoals Mathieu van der Poel, Tadej Pogacar, Ben Healy, Jasper Philipsen en Remco Evenepoel aantrok. Deze koersvorm gaf typische klassiekerspecialisten zeldzame kansen om in een grote ronde te presteren, terwijl zij traditioneel vooral in het voorjaar – met koersen zoals de Monumenten – hun hoogtepunten beleven. Teammanager Richard Plugge pleit voor de aanwezigheid van de beste renners in de beste wedstrijden, maar ziet dat zijn kopmannen zoals Jonas Vingegaard zelf niet in de klassiekers starten.
De auteur vindt het begin met een sprintrit onwenselijk, vanwege de hoge stress en het ongelijke gevoel in het peloton. De nieuwe opzet met meerdere klassiekervrije ritten in de openingsweek noemt hij echter een voltreffer, omdat het klassieke renners meer perspectief biedt in grote rondes. Daarbij pleit hij voor standaard vier à vijf klassieke ritten per openingsweek in Tour, Giro en Vuelta, eventueel aangevuld met gravel- of kasseienetappes, zodat specialisten in het voorjaar ook in de grote rondes kunnen uitblinken.
Tegelijkertijd stelt de schrijver dat het oude idee dat renners drie weken vol moeten rijden achterhaald is. Klassiekerspecialisten zouden na de eerste rustdag mogen uitrijden en de rest van de ronde overslaan, om zich niet te verspillen in hooggebergte waar ze weinig kans maken. Zo blijft hun deelname haalbaar en aantrekkelijk, en kunnen zij meerdere grote rondes per seizoen rijden. Dit biedt ook sponsors meer publicitaire waarde omdat toppers uit de lenteklassiekers deze grote rondes verrijken, met name in het begin waar publiek juist goed kijkt.
Voor een optimale afstemming zouden UCI, grote rondes en ploegen samen de eerste weken moeten synchroniseren zodat klassiekerspecialisten aanspreken. Helaas belemmert verdeeldheid binnen de wielerwereld die samenwerking, zoals bleek bij OneCycling. De auteur betreurt dat geliefde wielerkenmerken en kansen voor vernieuwing mogelijk onbeantwoord blijven doordat politieke belangen het spel domineren. De hernieuwde Tour-opzet biedt echter een unieke kans om het wielrennen aantrekkelijker en veelzijdiger te maken.