Verslaggever Connie is gek op wielrennen: 'Maar die eerste fietsvakantie op Corsica was verschrikkelijk'
In dit artikel:
Connie de Jonge, financieel verslaggever, ruilde hardlopen na jaren van blessures in voor fietsen en fietst sinds ongeveer dertig jaar vooral op een gravelbike. Wat begon met een tweedehands blauw Peugeotje mondde uit in duizenden kilometers, tal van vakanties en deelname aan recreatieve wielerevenementen en zware cyclo’s.
Haar eerste ervaringen waren hobbelig: een val op de boulevard van Harderwijk leerde haar voorzichtigheid (en hoe lastig het kan zijn je klikpedalen los te krijgen). Ze is geen waaghals — grote pelotons, spektakelachtige sprongen of bliksemsnelle afdalingen spreken haar niet aan — en ze fietst liever gecontroleerd dan riskant. Dat laatste heeft ook te maken met het feit dat ze pas op latere leeftijd echt fanatieker werd.
Samen met haar man maakte ze meerdere fietsvakanties. De eerste trip naar Corsica was zwaar door veel bergen en bagage, maar op Sardinië ging het beter; Toscane leerde haar het belang van doseren, op tijd terugschakelen en voldoende eten om een hongerklep te voorkomen. Een persoonlijke les: rust nemen als het moet — anders sta je hyperventilerend bovenop een berg. Toen de kinderen er waren, lag fietsen langere tijd op een laag pitje; ze bracht hen veel rond in kinderzitjes en koestert die herinneringen. Toen de kinderen het huis uitgingen, pakte ze haar hobby intensiever weer op, met tochten naar de Posbank, Limburg en georganiseerde tourtochten.
Ze geniet van evenementen met een relaxte sfeer, zoals de cyclo La Chouffe in de Ardennen (waar deelnemers na afloop een lokaal biertje krijgen), maar ook van meer veeleisende beklimmingen: Les Trois Ballons in de Vogezen en La Planche des Belles Filles leverden haar uiterste inspanningen én grote voldoening op — inclusief een eerste keer waarbij ze moest afstappen en een latere overwinning zonder te voet te gaan. Trainen en kilometers maken zijn volgens haar onmisbaar vóór zo’n grote krachtproef.
Connie noemt zichzelf een mooiweerfietser: harde wind (vooral in het vlakke Flevoland) en stortbuien kunnen haar plezier bederven, terwijl warm weer haar juist aanspreekt. Ze heeft drie fietsen: een oude Gazelle, een racefiets en een gravelbike (een raceachtige fiets met bredere banden en recht stuur). Technische details boeien haar minder; het moet gewoon goed remmen en soepel schakelen. Door haar drukke baan is ze de laatste tijd minder fanatiek met trainen en wisselt ze fietsen af met lange wandelingen met de hond om het hoofd leeg te maken.
Favoriete routes zijn o.a. tochten langs de IJssel (Elburg–Deventer met pontje) en langs de Rijn achter Arnhem. In het weekend verkent ze graag ’witte’ onverharde paden op de Veluwe en Utrechtse Heuvelrug: rustiger, natuurrijk en perfect voor gravelbikes. Hoogtepunt in haar palmares is deelname aan de Maratona dles Dolomites in Italië — een massale, inspirerende marathonrit over onder meer de Pordoi met duizenden deelnemers, vroege starts, pastoors die zegen uitspreken en toeschouwers die aanmoedigen met koeienbellen.
Voor dit jaar staat een hotel-tot-hotel fietsweek op het verlanglijstje: rustiger dan de Maratona maar toch 90–100 km per dag. Het verhaal van Connie laat zien dat fietsen niet alleen sport is, maar ook avontuur, leren door vallen en opstaan, en een manier om landschappen en gemeenschappen te beleven — mits je je tempo en conditie goed beheert. Het interview verscheen in VROUW Magazine bij De Telegraaf.