Waanzinnige cijfers van Pogacar en Seixas: Boonen gelooft het niet, Bakelants heeft andere verklaring
In dit artikel:
Tadej Pogacar en Paul Seixas zetten op de beklimming van La Redoute in Luik-Bastenaken een uitzonderlijk sterke prestatie neer: volgens analyses van Wielerclub Wattage produceerden ze gedurende ongeveer vier minuten rond de 8,7 watt per kilogram. In de eerste halve minuut liep hun aanval zo hard dat Mattias Skjelmose al tien seconden achterstand opliep. Zulke pieken roepen vragen op, omdat vergelijkbare cijfers in het verleden vaak met middelengebruik werden geassocieerd.
Voormalig ploegleider Dirk De Wolf wijst erop dat jonge toplopers voortdurend worden gecontroleerd en ziet daarom geen directe aanleiding tot verdenking. Jan Bakelants zoekt naar natuurlijke verklaringen: betere selectie, professionelere jeugdopleiding en geavanceerdere trainingsmethodes zouden bijdragen aan een snellere ontwikkeling van renners zoals Pogacar, die volgens hem nog steeds progressie toont rond zijn 25e.
Tom Boonen uitte echter openlijk zijn scepsis en twijfelt of 8,7 W/kg realistisch is; hij suggereert dat waarden rond 8 W/kg geloofwaardiger zijn, maar dat 8,7 spectaculair en moeilijk te plaatsen is. De discussie draait daarmee niet alleen om één uitslag, maar om hoe de evolutie van training, talentontwikkeling en monitoring samenhangen met steeds hogere vermogenswaarden in het moderne wielrennen.