Zo hangt de vlag er voor Roglic, Carapaz, Johannessen, Almeida en gevallen Coquard bij in Vuelta a Espana
In dit artikel:
Tadej Pogacar maakte in de eerste bergrit van de Vuelta a España meteen duidelijk dat hij de te kloppen renner is. In Andorra reed de Sloveen overtuigend weg van de concurrentie en stak hij duidelijk boven het veld uit.
Felix Gall, Oscar Onley, Enric Mas en Sepp Kuss konden aanvankelijk volgen. Jarno Widar en Primoz Roglic waren positieve verrassingen. Roglic, die door een slechte voorbereiding enkele weken geleden nog niet kon fietsen, was tevreden dat hij ondanks alles in de eerste groep eindigde. Richard Carapaz en Mattias Skjelmose beperkten hun achterstand, maar hadden een moeilijke dag. Skjelmose vermoedde dat de Tour nog in zijn benen zat; Carapaz gaf toe dat hij voortdurend had afgezien.
Tobias Halland Johannessen verloor ongeveer dertien minuten. De Uno-X-renner, die na ziekte tussen de Tour en de Vuelta niet optimaal voorbereid was, ziet het tijdverlies ook als een kans om zich voortaan op etappezeges te richten. Hij wil met zijn ploeg aanvallender koersen.
Voor João Almeida, Santiago Buitrago en Carlos Rodríguez kregen de klassementsambities een zware klap: zij verloren circa 22 minuten. Almeida werd bovendien gehinderd door een lekke band. Cian Uijtdebroeks, die eerder in de ronde was gevallen, finishte als laatste en reageerde geëmotioneerd. Sprinter Bryan Coquard kwam ten val; zijn ploeg wacht af of hij voldoende herstelt voor de volgende etappe, die mogelijk in een massasprint eindigt.
Vandaag Inside: Wat verwacht Johan Derksen van de nieuwe partij van Mona Keijzer?