Zoals Wout van Aert? Toon Aerts onthult zijn grote droom in Parijs-Roubaix
In dit artikel:
Toon Aerts rijdt op zijn 32ste voor het eerst een grote ronde: de Giro d'Italia. Na vorig jaar zijn eerste ervaring op de weg bij Lotto‑Intermarché kreeg hij dit seizoen een grotere rol, met debuten in de Ronde van Vlaanderen en Parijs‑Roubaix. De Giro is voor hem een flinke stap: zijn eerdere langste etappekoers was de Ronde van Catalonië (zeven ritten), de Giro is ongeveer drie keer zo lang.
Als van oorsprong veldrijder merkt Aerts dagelijks hoe anders het klassieke wegseizoen is: veldrijden is een uur intensief, bij monumenten moet je vooral in de vroege uren energie sparen om later te kunnen bijten. Hij erkent dat hij niet altijd de allerhoogste eindvermogens meer kan leveren zoals renners als Pogacar, Van Aert en Wout [van Aert/Molen] kunnen. Bij zijn eerste deelnames pakte hij respectievelijk plek 33 in Vlaanderen en 38 in Roubaix; in Parijs‑Roubaix speelde ook pech (een lekke band) hem parten.
Aerts ziet de Giro als kans om zijn motor te vergroten en hoopt binnen enkele jaren een stap vooruit te zetten in Roubaix: hij mikte er niet op te winnen, maar wel om ooit bij de top twintig te eindigen.